Breipatroon voor Ootjies Tas beschikbaar

De Bunschoter - nr. 026 (78e jaargang)

In opdracht van Het Wilde Oog heeft kunstenares Anne-Marie Durand een poster ontworpen waarop het patroon van de drie tassen van het project Ootjies Tas te vinden is. De Amersfoortse heeft een prachtig ontwerp gemaakt, dat een aantal functies in zich draagt: een poster, een breipatroon, een ode aan het Spakenburg met haar textielnijverheid en haar karakteristieke taalgebruik.

Ootjies Tas: ontstaansgeschiedenis
Er was in de lente van 2006 de onderzoeksvraag van Hans Lemmerman en Inge van Run (Het Wilde Oog) of het mogelijk is om een hedendaags product te maken voor Spakenburg, vervaardigd door Spakenburgse vrouwen en gepronkt door hun kleindochters op het Spuiplein. Er was het tassenontwerp van Lotte van Laatum, drie tassen, aansluitend op het al dan niet in de rouw zijn. Ootjies Tas was op papier geboren. Er waren veertien Spakenburgse vrouwen die het ontwerp in de lente van 2oo7 uitvoerden, tassen breiden in de ruitmotieven van de Spakenburger schorten. Leren beugels, gezeefdrukt met bloemmotieven zorgden voor een hedendaags uiterlijk.

Ootjies Tas: het patronenblad
Er was nadat de tassen tentoongesteld waren in het gemeentehuis van Bunschoten en de bibliotheek in Amersfoort de vraag naar het patroon van de tassen zodat 'men' de tas kon breien. Er was het besluit om een patronenblad te laten maken, een poster. Er was het verzoek aan Anne-Marie Durand om deze te ontwerpen. Zij is een Franse kunstenares die al enige tijd in Nederland woont en actief is onder de naam Balta.
Het Wilde Oog leerde Balta kennen via 'Geluksappels in Vathorst'. ln dit project bood zij appelsoorten die bijna verdwenen zijn als proeverij aan de inwoners van Vathorst aan. Er bestaan honderden appelsoorten, klassieke appelrassen, met veelal poëtische namen waaronder: 'Zijden Hempje', 'Notarisappel', 'Paradijsappel'.
Balta verzamelde deze en gaf in de nieuwste wijk van Amersfoort ruim baan aan appelrassen die groenteboeren, laat staan supermarkten niet meer in de verkoop hebben. Appels die slechts voortleven als straatnaam in een wijk (Anna Boelensstraat) werden onder de aandacht gebracht.

Er is de Ootjies Tas-poster

Op de achterkant wordt het Ootjies Tas-project kort getypeerd en zijn de drie patronen op ware grootte afgebeeld. Ze ogen als schilderijen van Mondriaan, als bouwtekeningen van Gerrit Rietveld! De voorkant is prettig bont, er valt veel te lezen en te zien. In de twee uitspraken van Riek Dekkers en Maria van Twillert weetklinkt de financiële en mentale noodzaak tot breien, vroeger en nu. Ook visueel wordt Ootjies Tas in een bijzonder perspectief geplaatst!

Het schriftmotief
Twee schriften vorm.en een ondergrond van onmiskenbaar handgeschilderde, -borduurde en -getekende lijnen. Anne-Marie Durand: "In elk land dat ik bezoek, koop ik een schrift. Hoe ziet het schoolschrift waarin je als Frans, Nederlands of voormalig Oostduits kind leert schrijven er grafisch uit?
Elk land blijkt een eigen belijning te hebben. De kantlijn is bijvoorbeeld steeds anders. In het Frans is die kanrlijn rood gekleurd. Daarin mag je niet schrijven, zij is bedoeld voor correcties door de docent. In de voormalige DDR hadden ze twee kantlijnen, rechts en links op de pagina. Het schrift als eigen referentiepunt in een cultuur. Wat maakt het zichtbaar?"
Balta maakte de gedachtesprong om in plaats van woorden te schrijven, lijnen te gaan tekenen, lijnen te 'schrijven'. Een lijnenschriftuur ontstaat. Zo heeft zij vele handgelijnde schriften gemaakt (een monnikenwerk!). De twee die afgebeeld zijn op het patronenblad Ootjies Tas gaan een verrassend visuele relatie aan met de boormouwen uit de Spakenburger dracht.
Balta: "Wat ik interessant vind, is dat in het Nederlands 'schrift' meerdere betekenissen heeft: het schrift als object waarop men schtijft. de handeling en de Bijbel. Je kunt de Bijbel zien als een 'schrift met lijnen', richtlijnen."
De keuze voor het icoon 'schrift' bij Bunschoten-Spakenburg is goed getroffen: Religie heeft een belangtijke plek in de gemeenschap.

Archaïsche woorden en sprookjeselementen
In het schrift met de rouwuitstraling staan begrippen als 'niemandsverdriet', 'keukenmeiden -verdriet', buurmansverdriet, schildersverdriet'. In het schrift met het lijnenspel 'in het rood' staat in Balta' s eigen handschrift te lezen: brieventasje, klaptas, herderstas. De soorten verdriet blijken volksnamen te zijn van planten en groenten. De officiële Nederlandse naam 'schorseneren' werd in de volksmond in de ene streek 'meisjesverdriet genoemd, in een andere regio heette het ‘dienstbodeverdriet' .
De genoemde tasjes verwijzen naar volksnamen van planten als de witte waterkers en het pantoffeltje. Balta verbindt Ootjies Tas met het botanische erfgoed. Het roept de vraag op: Hoe lang zullen de typisch Spakenburgse meisjesnamen die van generatie op generatie doorgegeven werden zoals Hilletje, Sinkie en Mengs nog te horen zijn? Links op de poster is een opvallend kleurrijke vogel te zien. Balta: "De Spakenburger dracht is streng in vorm, maar met name de kraplap kent een explosie aan kleuren en bIoemen.
Wulps! Ik vond het mooi om een uitbundig element toe te voegen aan het affiche, welke toch in de hand gehouden is." De vogel is afkomstig uit de Chinese cultuur, en kent associaties naar de antieke sitsen die nageschilderd werden, alsmede naar de sprookjeswereld. Het getekend lachend gezicht hangt samen met het volgende: "De klederdracht wordt door vrouwen bepaald. Elke vrouw maakt haar eigen kleren, voortkomend uit de groepscode, maar er is een marge voor vernieuwing. Niet de kledingindustrie dicteert in Spakenburg, niet de mode uit Parijs die voorschrijft wat je moet dragen! Klederdracht blijft verbonden met tradities en de groep, en dankzij het handwerk wordt ruimte geboden voor persoonlijke accenten. Een interessant cultuurverschijnsel!" Voor wie zich openstelt, raakt het patronenblad cultuurhistorische krachtenvelden van Spakenburg aan, zet innerlijke snaren in beweging. Balta laat via de grafische vormgeving zien wat Spakenburg haar geeft. Zij geeft op kunstzinnige wijze gestalte aan identiteit in een ruim perspectief Er is het parronenblad. Te koop bij VW en Museum Spakenburg. Er is Drukkerij De Bunschoter die het mogelijkmaakr dat het patronenblad gedrukt is. Er is de hoop dat Balta's ontwerp op diverse plekken komt te hangen en de opmaat vormt om het straatbeeld te verrijken met Ootjies Tassen! Het motto van Het Wilde Oog: Laat de lente van 2008 aanbreken en voor een nieuwe 'Spakenburgse' rage zorgen!

Hans Lemmerman – ‘Het Wilde Oog’